Antroposofie

Het woord antroposofie is gemunt door de Zwitserse arts en filosoof Ignaz Troxler (1780 – 1866), een man die algemeen als de belangrijkste Zwitserse filosoof wordt beschouwd. Troxler verstond hieronder “een cognitieve methode, die de spirituele natuur van de mens als uitgangspunt neemt en het spirituele karakter van de wereld onderzoekt”.[1]

De Oostenrijkse filosoof Rudolf Steiner (1861 – 1925) is grondlegger van de antroposofie en haar praktische toepassingen. Hij gebruikte dit woord in dezelfde zin en beschreef haar betekenis als “……. een weg tot inzicht die het geestelijke in de mens met het geestelijke in de kosmos wil verbinden”.[2]

De Antroposofische Vereniging in Nederland verwoordt het op haar website zo: “Antroposofie is een weg tot zelfkennis en kennis van de wereld. Ze helpt u om midden in deze wereld te staan en praktisch vorm te geven aan een spirituele levenshouding.”

Antroposofie ligt in het verlengde van de systematische zoektocht naar wijsheid zoals Plato en Aristoteles haar beschreven. Plato noemde wijsheid de eerste van vier kardinale deugden. Ontwikkelde iemand naast wijsheid ook moed en matigheid, dan kon hij de samenleving op een rechtvaardige manier leiden. De opleiding voor toekomstig leidinggevenden die hij in zijn Politeia beschreef, is een langdurige scholing voor hoofd, hart en handen. Moed en matigheid moest je je in de praktijk eigen maken. Pas tegen hun vijftigste achtte Plato mensen geschikt voor het staatmanschap.

De ideale samenleving was volgens Plato in drie klassen verdeeld. Aan het hoofd stond de wijze staatsman. Hij gaf richting aan de ontwikkeling van het gewone volk. Idealiter was het volk matig in zijn behoeften, gesteld op tradities en gehoorzaam. Moedige soldaten, in dienst van de staatsman, zorgden ervoor dat dit zo bleef. Op deze klassieke rangschikking vallen veel dictators juist in onze tijd terug. Elke opstand met geweld onderdrukkend.

Antroposofie is de naam van de wijsheid die wij ons in deze tijd eigen kunnen maken. Daarbij gaat het om de zoektocht naar de passende balans tussen het door machthebbers geformuleerde algemene belang en de alledaagse behoeften van het gewone volk. Vergelijkbaar met de balans die Aristoteles in zijn deugdethiek hanteerde. Pas als die balans in orde is, is er sprak van een rechtvaardige samenleving. Meer over dit thema lees je in tijd nemen, ruimte scheppen. Op micro-niveau – dus voor het eigen leven -werkte ik dit thema uit in behoeften, waarden en motieven. Ook kun je naar een van mijn voordrachten komen over het scheppen van ruimte.

Antroposofie mondt in talloze, praktische initiatieven uit. Het leidt tot vernieuwingsbewegingen in het onderwijs (vrijescholen), de landbouw (biologisch-dynamische landbouw), gezondheidszorg (nieuwe therapieën) en banken (Triodos Bank).

 ——————————————————————-

[1] Citaat uit: Reuzen op lemen voeten. Een studie over goeroes, Anthony Storr, blz 76

[2] Citaat uit: Kerngedachten van de antroposofie, Rudolf Steiner, Kerngedachte 1 van 17 februari 1924.