Neem je ’s morgens voor om in de loop van de dag op een bepaald tijdstip een relatief eenvoudige handeling uit te voeren. Het is belangrijk dat de handeling vrij is, niet samenhangt met een lichamelijke behoefte of praktisch nut. Het woord handeling impliceert dat je je handen gebruikt. Kies in eerste instantie een tijdstip dat al met routines verbonden is. Lukt dit, dan kun je op een moeilijker tijdstip overstappen.
Je versterkt de oefening wanneer je de handeling een voor jou zinvolle betekenis geeft. Wanneer ik mijn oorbellen nu van links naar rechts verplaats, denk ik daarbij het volgende: ‘ik wil anderen horen, en vervolgens vanuit begrip handelen. Maar ik kan dat alleen vanuit een ademende relatie met de wereld. Ik heb ook tijd nodig voor concentratie, voor mezelf’.
Deze wilsoefening is gebaseerd op een van de zes ‘nevenoefeningen’ die Rudolf Steiner gaf.
Meer informatie over deze oefeningen vind je in Het zesvoudige pad. Basisoefeningen voor spirituele ontwikkeling van Joop van Dam