Tien levensfasen

Hoe vreemd het je misschien ook in de oren klinkt, planeten geven een basale kleur aan onze levensloop. Althans tot we een jaar of 63 zijn. Weet je welke planeet een bepaalde levensfase kleurt, dan kun je daar rekening mee houden. Thuis, in de opvoeding en in werksituaties.

Mijn band met de planeten dateert uit mijn kindertijd. Tot ongeveer mijn zevende droeg ik herinneringen aan planetensferen mee. Daarna vergat ik veel. Toch moet kennis van planetensferen ooit wijd verbreid zijn geweest, want tot in de middeleeuwen speelden ze een belangrijke rol in religie, wetenschap en kunst. Indertijd verbond men kunsten, engelen, metalen en ondeugden aan de opeenvolgende planetensferen. Dichters als Dante en schilders als Jheronimus Bosch werkten facetten van die veelzijdigheid uit. Geleidelijk echter gingen zowel inzicht als herinnering verloren. Tot Rudolf Steiner aan het begin van de twintigste eeuw over zijn inzichten in de planetensferen sprak. De bioloog Frits Julius en antroposofische artsen zoals Bernard Lievegoed en Victor Bott bouwden hierop voort en vertaalden de werking van planeten naar de metamorfose van planten, de menselijke levensloop en de gezondheidszorg. Zelf heb ik er jarenlang als coach mee gewerkt.

Dat planeten een tijdseenheid kunnen kleuren, zien we aan de dagen van de week. Elke dag van de week is naar een van de zeven klassieke planeten genoemd. Voor zondag en maandag is dat evident, terwijl we voor de andere dagen naar het Frans moeten uitwijken. Woensdag bijvoorbeeld heet daar mercredi: de dag van Mercurius. Vrijdag is vendredi: de dag van Venus. Tot ver in de vorige eeuw werden bepaalde activiteiten aan vaste dagen gekoppeld. Op maandag bijvoorbeeld deden vrouwen massaal de was. Op woensdag at men gehakt, op vrijdag vis. De voorbeelden laten zien dat die koppeling indertijd cultureel bepaald was. Ondanks het feit dat we onze week tegenwoordig vrij kunnen indelen, blijven er culturele koppelingen bestaan. Vrijdag is bijvoorbeeld geen ideale vergaderdag, een etentje plannen we bij voorkeur niet op maandag. Ook in organisaties en gezinnen koppelt men bepaalde activiteiten graag aan een vaste dag in de week.

In de eerste 21 jaar van ons leven ligt het accent op de groei en ontwikkeling van ons lichaam. Het onderscheid tussen de drie verschillende fasen waaruit onze eerste 21 jaar is opgebouwd, is fysiek zichtbaar. Zowel rond het zevende als rond het veertiende jaar spelen zich meetbare, ingrijpende lichamelijke veranderingen af. De overgang van de mercuriusfase naar de venusfase kennen we als de puberteitscrisis. Karakteristiek hiervoor is dat jongeren zich tegen de normen en waarden van hun opvoeders afzetten.

De zonnefase duurt met 21 jaar veruit het langst. Vergelijk je een mens met een plant, dan is dit de bloeiperiode van het leven. In deze lange zonnefase kun je in drie opeenvolgende perioden van elk ongeveer zeven jaar verdelen.

  • Uitproberen en kiezen. Studie- en beroepskeuze, het zoeken van een levenspartner. Soms wordt deze periode afgesloten met de quarterlife crisis. Je koos dan bijvoorbeeld voor een studie, maar nu je bent afgestudeerd, zie je een baan in het verlengde van je studie niet meer zitten;
  • Afwegen en organiseren. De rationele afweging van alternatieven en het organiseren staan nu centraal. Bevind je je in deze levensfase, dan overzie je het veld, analyseer je je mogelijkheden en neem je logische besluiten. De combinatie van uiteenlopende activiteiten is vaak imponerend.
  • Ontnuchteren en bewust worden. Dante en Goethe beschouwden 35 jaar als een cruciale leeftijd. Een diep dal en de ontmoeting met het boze karakteriseerden wat zij ‘het midden van het leven’ noemden. Ook in mijn eigen biografie vind ik dit dieptepunt met haar daaropvolgende wending omhoog terug. Het zakelijke waardenstelsel dat hiervoor leidend was en je zo ver heeft gebracht, blijkt ineens niet meer te voldoen. Dit leidt tot gevoelens van onbehagen. De midlifecrisis kondigt zich aan. Het is een uitnodiging om je te bezinnen op je waarden.

Heb je de midlifecrisis goed doorstaan, dan bereik je zo rond je 42e levensjaar de derde grote periode van je leven. Nu komen de waarden waarvoor je hebt gekozen centraal te staan. In het begin van deze periode domineert de energieke, assertieve Mars. Hij geeft je de energie om doelgericht iets nieuws op te bouwen. In de Jupiterfase neemt die energie af en verruimt zich de blik. Nu kun je je tot die fijne senior ontwikkelen, die ruimte biedt aan jong talent. In de Saturnusfase versmalt de blik zich weer. Bevind je je in deze levensfase, dan kies je voor datgene wat echt telt. Doe je dit, dan blijken nieuwe ontwikkelingsmogelijkheden tot op hoge leeftijd mogelijk.

Deze derde grote periode van je leven kun je ook de sociale levensfase noemen. Stap voor stap schep je ruimte voor anderen. Voor je kinderen, jongere collega’s of medewerkers. Verzuim je dit, dan gaan deze drie planeten hun andere, minder positieve kant tonen. Mars komt dan agressief over, Jupiter dominant en onbuigzaam, Saturnus onwrikbaar star.

Na ons 63e levensjaar leven we gemiddeld nog dik twintig jaar. Gezien mijn leeftijd, kan ik nog niet uit eigen ervaring over de karakteristieken van die laatste grote levensfase spreken. Kijk je echter naar de biografie van grote kunstenaars, dan zie je dat zij hun kunst tot op zeer hoge leeftijd verder ontwikkelden.

terug naar inhoudsopgave Start to Change the World!