Minder denken, meer eten!

De aansporing om meer te gaan eten vraagt geheid een toelichting. Het gaat niet om de gewone dagelijkse kost, maar om het type spijsvertering dat nodig is als we de toekomst sociaal vorm willen geven. In onze samenleving komt veel top-down tot stand. De top leidt en laat problemen vaak met nieuwe regelgeving oplossen. Soms werkt dit, maar meestal ervaren we de toenemende regeldruk als een benauwend keurslijf. Wat let ons eigenlijk om de piramide om te draaien? Laten we geen oplossingen voor anderen meer bedenken, maar eens radicaal voor een totaal andere aanpak kiezen!

Unknown
De aanleiding voor deze column is een onderzoek, waarmee ik eind vorig jaar startte. Terloops vertelde ik twee vrienden over het essay waaraan ik werkte en dat het bouwen aan een sociale toekomst tot onderwerp had. “Wat toevallig, wij geven in juni een workshop op het Kongress Soziale Zukunft in Bochum”, antwoordde een van hen verrast. We spraken af elkaar daar te ontmoeten en onze bevindingen uit te wisselen.

Als het over het sociale leven gaat, laat ik me graag door succesvolle gemeenschappen inspireren. Het Middeleeuwse kloosterleven vormt de inspiratiebron voor deze column. Kloosterlingen brachten woeste gronden in cultuur en cultiveerden de plaatselijke zeden en gebruiken. De oorsprong van het licht dat deze gemeenschappen in duistere tijden verspreidden, vinden we in een speciale eetgewoonte. Daarbij doel ik niet op de maaltijden, die monialen gezamenlijk in de refter deelden, maar op een activiteit die ze in de beslotenheid van hun cel verrichtten: de lectio divina. Het lezen en verteren van teksten aan de hand van levensvragen.

In zijn kloostercel memoreerde de monnik de tekst, waarin hij iets voedzaams hoopte aan te treffen. Stuitte hij op woorden die hem raakten, dan kauwde hij daar langdurig op en probeerde hij ze met een lastig vraagstuk in zijn leven te verbinden. Voor hij vervolgens weer tot de orde van de dag overging, richtte hij de vragen die deze stevige kost had opgeroepen tot God. Geduldig pakte hij de stof de volgende dag weer op. Net zo lang tot hem na al dit herkauwen plotseling een licht opging. De stof was verteerd en het resultaat vervulde hem met vreugde en enthousiasme. Geestdrift hielp hem innerlijke weerstanden zoals luiheid, angst of boosheid te overwinnen. Dienstbaar en anderen inspirerend, zette hij zich ten behoeve van zijn idealen in. Zo kon het werk van kloosterlingen geleidelijk het zware leven van de Europese boerenbevolking verlichten.

Tussen de eenzame kloostercel en de arbeid die kloosterlingen ten behoeve van de wereld verrichten, lag zes tot acht keer per dag een ritmische samenzang. Ook dit had een belangrijke functie. Koorzang vraagt de bereidheid om af te stemmen en de juiste toon te zoeken. Zang oefent ons in de dialoogvaardigheid die nodig is om het tempo te bepalen dat het best bij ieders mogelijkheden en behoeften past.

Willen we de regeldruk verminderen en aan een sociale toekomst bouwen, dan hebben we enthousiasme, moed en dialoogvaardigheden nodig. De afgelopen tijd ben ik bewust op teksten gaan kauwen. Dit keer steeds met de vraag hoe we nu aan een sociale toekomst kunnen werken. Het leidde tot een snoer van lezingenartikelen en vooral boeiende gesprekken!


Meer weten: de spijsvertering speelt ook bij bijenvolkeren een bijzondere rol. Hoe dit ons inspireren kan, lees je in Waar het dooit, krijgt leven ruimte.
Meer doen: Meer over dialoogvaardigheden lees je op de website van stichting Dialoog.
Dit bericht werd geplaatst in bewustzijnsontwikkeling, filosofie en antroposofie, sociale kunst en getagged met , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s